Vierkleurentoren


Doel van het spel

Het is de bedoeling om zo snel mogelijk een toren te bouwen van 15 verdiepingen. Deze toren wordt opgebouwd op een platform, waarmee een parcours wordt afgelegd. Bij elk rondje dat wordt afgelegd, wordt er een nieuwe verdieping gebouwd. Op het einde van het spel wordt de toren in het midden van het speelveld neergezet. Wie het snelste een volledige toren heeft neergezet is gewonnen.

Spelduur: max 5 minuten

Aantal spelers: 9 spelers

Beginsituatie

Op vier hoeken van het veld staat een bak met 15 buisjes. In elke hoek hebben de buisjes een andere kleur (blauw, groen, geel en rood).

Het platform om de toren te dragen ligt in het midden van het speelterrein op twee horizontale latten. Tussen deze twee latten liggen ook 15 platen.

Alle spelers staan in de blauwe hoek achter de speeltafel en bij het startsein loopt iedereen naar zijn plaats.

Toren bouwen

De buisjes van de toren dienen per verdieping aangebracht te worden in het midden van het speelterrein. Hiervoor is één speler per hoek verantwoordelijk. Deze spelers moeten een kort parcours afleggen met het buisje, vooraleer ze op de eerste plaat kan geplaatst worden. De buisjes moeten telkens per plaat gelijktijdig op de plaat gezet worden door de vier verschillende spelers. Dit gebeurt in het midden van het speelterrein. Op elke verdieping moeten telkens vier buisjes staan (per kleur één). De tweede speler uit de groene hoek, dient de volgende plaat op de vier buisjes te plaatsen. Hij/Zij mag enkel de laatste plaat aanraken. De toren wordt gedragen door vier spelers met één hand, zodra ze de draagberrie opnemen bij het begin van het spel mogen ze deze niet meer loslaten tot de toren volledig af is. Zij mogen de toren op geen enkel moment aanraken. Zodra de vier buisjes en de plaat op de toren staan, vertrekken de vier spelers die de toren dragen en leggen ze een ronde af rond de twee palen. Als alle 15 verdiepingen afgewerkt zijn wordt er een laatste ronde afgelegd en de tijd wordt stopgezet als de toren op de twee horizontale latten staat. Wie het snelst hierin slaagt, is gewonnen. Indien de toren niet afgeraakt binnen de 5 minuten, dan wordt het aantal verdiepingen geteld. Indien dit gelijk is tussen twee kleuren, wordt ook rekening gehouden met de afgelegde afstand op het moment van het eindsignaal.

De toren mag tussentijds niet meer met de handen aangeraakt worden. Indien de toren tijdens het spel zou vallen, mogen de vijf spelers uit de hoeken, de toren ter plaatse opnieuw opbouwen. Zij moeten hiervoor alle verzamelde onderdelen opnieuw gebruiken en elke verdieping moeten opnieuw uit vier verschillend gekleurde buisjes bestaan.

Vierkleuren parcours

Blauw:

In de blauwe hoek dient de speler het buisje over de tafel te rollen of te schuiven (zoals bij een sjoelbak) totdat het buisje in de koker valt. Indien de speler hier in slaagt, moet hij het buisje uit de bak onder de koker halen en naar het midden lopen om op de toren te plaatsen.

Groen:

Hier leggen twee spelers het parcours af. Eén buisje wordt op de grond gelegd door één van de twee spelers. De spelers nemen het buisje op door middel van de twee stokken. De spelers houden de stokken vast op het einde van de stok achter de markering. De spelers kruipen daarna pas door het klaverblad heen zonder dat het buisje valt. Als ze door het klaverblad heen zijn, laten ze het buisje vallen in de bak. Van zodra het buisje in de bak ligt, loopt één speler met het buisje naar het midden en de andere loopt mee om de volgende plaat op de toren te plaatsen. Wanneer het buisje valt, moeten ze terug op de begin positie vertrekken.

Geel:

De speler haalt zelf een buisje uit de bak en legt of zet zelf het buisje minimaal 1 meter van het bord af. In het bord is één bol uitgehaald. De speler moet proberen met de hockeystick het buisje door deze bol te slaan. Als het buisje door de bol is gegaan, raapt de speler het buisje op en loopt naar het midden om het op de toren te plaatsen..

Rood:

De speler haalt een buisje uit de bak en probeert op een afstand van minimum twee meter het buisje door de ster te gooien. Indien het buisje door de ster is gegooid, raapt de speler het buisje op en loopt naar het midden om het op de toren te plaatsen..

De spelers in de hoeken mogen geen buisjes sparen. Iedere keer als hun opdracht is geslaagd, moeten ze met het buisje naar het midden lopen om het op de toren te plaatsen.

Wanneer men buisjes rapers voorziet mogen deze enkel de verzamelde buisjes in de begin bakken leggen. Zij mogen op geen enkel moment actief deelnemen aan het spel, ook niet wanneer de toren is gevallen.